Glasvochttroebelingen

Glasvochttroebelingen worden in de volksmond ook vaak ‘floaters’, ‘mouches’ en/of ‘mouches volantes’ genoemd en worden door heel veel mensen waargenomen. Met al deze namen wordt hetzelfde bedoeld, namelijk troebelingen in de gelei (het ‘glasvocht’ of ‘glasachtig lichaam’) van het oog. Ze bestaan uit kleine eiwitstructuren en/of cellulaire restmaterialen. Glasvochttroebelingen geven een schaduw op het netvlies en worden daardoor waargenomen als donkere vlekjes die mee- en nabewegen. Glasvochttroebelingen kunnen allerlei vormen aannemen, zoals vliegjes, spinrag, puntjes en/of draadjes. De aanwezigheid van dergelijke troebelingen is onschuldig. Als ze echter plots zijn ontstaan kan het ook een symptoom zijn van een netvliesloslating (zie hiervoor het kopje ‘Alarmsymptomen’ verderop). Glasvochttroebelingen vallen vaak vooral op als u naar een lichte (witte) achtergrond kijkt en bij helder licht. Daarnaast vallen ze vaak ook meer op wanneer u moe/niet helemaal fit bent. Mogelijk lukt het dan onvoldoende om deze troebelingen te negeren. 

Oorzaken

Glasvochttroebelingen komen zeer frequent voor. Er zijn meerdere oorzaken mogelijk:

  • Veroudering: Dit is de meest voorkomende oorzaak van glasvochttroebelingen.  Met het ouder worden verdikt het glasvocht en hierbij ontstaan vaak glasvochttroebelingen. Mensen met (hoge) bijziendheid hebben hier meer aanleg voor en kunnen glasvochttroebelingen al op een jonge(re) leeftijd waarnemen.
  • Glasvochtcollaps: Ook dit is een veelvoorkomende oorzaak van glasvochttroebelingen en wordt ook wel een ‘achterste glasvochtmembraanloslating’ genoemd. Met het ouder worden krimpt het glasvocht en laat het los van het netvlies. Glasvochtcollaps treedt vooral op rond het 60e levensjaar. Omdat het glasvocht op bepaalde plaatsen goed vastzit aan het netvlies (met name aan de randen) kan er zo hard aan het netvlies getrokken worden dat hierbij een gaatje/scheurtje in het netvlies ontstaat. Dit kan uiteindelijk leiden tot een netvliesloslating. Vaak gaat een achterste glasvochtmembraanloslating gepaard met kortdurende lichtflitsen (enkele secondes en typisch waargenomen in 1 oog) en het plots ontstaan van glasvochttroebelingen2Het wordt aangeraden om bij het plots ontstaan van lichtflitsen en/of glasvochttroebelingen op korte termijn contact op te nemen met uw huisarts/oogarts.
  • Diabetes mellitus: Bij diabetes mellitus is er risico op een bloeding in het glasvocht. Een bloeding in het glasvocht kan worden waargenomen als donkere bewegende vlekjes, vaak in 1 oog. Doordat het bloed zich verspreid in het glasvocht daalt hierbij ook vaak het zicht. Het wordt diabetici aangeraden om regelmatig (minimaal 1 keer in de 1-2 jaar) het netvlies te laten controleren. Bij deze controles kunnen eventuele voortekenen van een glasvochtbloeding worden opgespoord. Tijdige en adequate behandeling daarvan kan een glasvochtbloeding mogelijk voorkomen.
  • Trauma: Een klap op het oog (tennisbal, vuist, ongeluk etc) en/of een operatie zoals een staaroperatie zijn andere oorzaken voor het ontstaan van glasvochttroebelingen.
  • Uveitis: Een uveitis, ofwel een ontsteking in het oog, is ook een oorzaak voor het ontstaan van glasvochttroebelingen. 

Beloop

In de loop van de tijd (weken tot maanden) worden glasvochttroebelingen over het algemeen steeds minder hinderlijk. Door de zwaartekracht kunnen glasvochttroebelingen naar beneden zakken waardoor ze niet meer in het centrum worden waargenomen. Daarnaast kunnen ze oplossen en tevens wennen mensen aan de vlekjes waardoor ze vaak na verloop van tijd niet of nauwelijks meer (bewust) worden waargenomen. Glasvochttroebelingen kunnen echter ook waarneembaar blijven. In de meeste gevallen is het niet nodig om te behandelen. Indien u de glasvochttroebelingen echter als hinderlijk blijft ervaren dan is het wel mogelijk om eventueel te laseren of te opereren (zie hiervoor het kopje ‘Behandeling’ verderop). Het wordt aangeraden om in ieder geval enkele weken/maanden te wachten na het ontstaan van de troebelingen, omdat veel mensen na verloop van tijd weinig tot geen hinder minder ondervinden van de troebelingen.  

Risico's

Als er sprake is van een achterste glasvochtmembraanloslating dan is er een kleine kans op het ontstaan van een gaatje/scheurtje in het netvlies. Dit kan leiden tot een netvliesloslating. Het is dan ook zaak om bij klachten als (kortdurende) lichtflitsen (meestal in 1 oog tegelijk) en/of bij het plots ontstaan van mee- en nabewegende vlekjes en/of bij het ontstaan van een wazige vlek (die niet beweegt), direct contact op te nemen met uw huisarts. Deze kan beoordelen of een spoedverwijzing naar een oogarts geïndiceerd is. 

Alarmsymptomen

Bij het plots ontstaan van 1 van de volgende symptomen (meestal in 1 slechts 1 oog tegelijk) adviseren wij u om (direct) contact op te nemen met uw huisarts:

  • Lichtflitsen
  • Mee- en nabewegende vlekje(s)
  • Een wazige/donkere vlek die niet beweegt

Lichtsensaties die zich uitbreiden als gekartelde lijnen, meestal in beide ogen tegelijk, en die 10-30 minuten duren, worden veelal door migraine veroorzaakt en noemen we 'oogmigraine'. Dit hoeft niet altijd met hoofdpijn gepaard te gaan. Bij 'oogmigraine' is er geen risico op een netvliesloslating. Informeer eventueel bij uw huisarts.

Onderzoek

Bij het risico op een netvliesloslating is een doorverwijzing nodig naar een oogarts. Deze zal u pupilverwijdende druppels toedienen waardoor hij/zij in staat is om het netvlies goed te onderzoeken op gaatjes/scheurtjes van het netvlies. 

Behandeling

Vitrectomie

De behandeling hangt af van de uitslag van het onderzoek dat door de oogarts is uitgevoerd.

  • Veroudering/glasvochtcollaps: Als het alleen gaat om glasvochttroebelingen dan is een behandeling meestal niet nodig. Alleen wanneer u blijvend hinder blijft ondervinden van de glasvochttroebelingen kunt u overwegen om de troebelingen met een laserbehandeling (‘floater laser’) of operatie (‘vitrectomie’) te laten verwijderen. De laser behandeling wordt niet door elke oogarts verricht. Verder zijn niet alle glasvochttroebelingen geschikt voor laserbehandeling, bijvoorbeeld als het er heel veel zijn of als ze zich dicht bij het netvlies bevinden. Bij een vitrectomie worden de storende glasvochttroebelingen operatief verwijderd. Veel patiënten zijn na een vitrectomie erg tevreden. Echter, een operatie is nooit zonder risico’s. De risico’s van een vitrectomie zijn onder andere een netvliesloslating, een infectie, bloeding en het ontstaan van staar. Informeer eventueel bij uw oogarts naar de mogelijkheden.
  • Diabetes mellitus: Als het gaat om een glasvochtbloeding bij diabetes mellitus dan wordt er vaak gestart met een laserbehandeling van het netvlies, met name om nieuwe bloedingen te voorkomen. Mocht de bloeding niet voldoende opgeruimd worden door het oog zelf, dan kan ook hier door middel van een 'vitrectomie'het glasvocht (inclusief het bloed) worden verwijderd. Eventueel wordt dan gelijktijdig het netvlies gelaserd.
  • Uveitis: Bij een uveitis is behandeling door een oogarts geïndiceerd, in 1e instantie gericht op het onder controle brengen van de ontsteking. Eventueel kan bij een uveitis een vitrectomie ook verbetering geven.
  • Netvliesscheur/loslating: Mocht er sprake zijn van een gaatje/scheurtje in het netvlies dan kan een laserbehandeling van het netvlies verricht worden om te voorkomen dat het netvlies (verder) loslaat. Bij deze behandeling worden littekens gecreëerd rondom de zwakke plek in het netvlies. Op deze plaatsen zal het netvlies na de laserbehandeling beter hechten aan de onderlagen waardoor het netvlies niet (verder) zal loslaten. Soms is een operatie nodig om het netvlies weer aanliggend te krijgen. Hierbij zijn verschillende type operaties mogelijk. 

Referenties

2) Jack J. Kanski. Clinical Ophthalmology. A systemic approach. Sixth edition.

Mocht u naar aanleiding van deze informatie nog vragen hebben dan kunt u contact met ons opnemen via 
info@deoogcheck.nl. Bij 1 van de alarmsymptomen adviseren wij u direct contact op te nemen met uw huisarts.

Deze folder is onderdeel van Oogzorg Nederland B.V. Aan deze folder kunnen geen rechten worden ontleend.